|
|
Urk neemt afscheid van fenomeen Pieter Ras |
|
|
|
|
De Sportvereniging Urk, die degradatie uit de hoofdklasse niet meer heeft weten te voorkomen, neemt aan het eind van dit seizoen ook afscheid van Pieter Ras. De 32-jarige allrounder, zonder meer behorend tot de kleurrijkste spelers uit de historie van de club, ondervindt dermate veel hinder van zijn versleten heupen, dat verder voetballen onverantwoord is. Daarom een afscheidsverhaal met en over de man die in de seizoenen 1995-1996 en 1999-2000 deel uitmaakte van het team dat de afdelingstitel behaalde in de hoofdklasse C.
Pieter Ras debuteerde op 17-jarige leeftijd in de hoofdmacht van Urk. De begaafde technicus - dit seizoen ondanks zijn blessureproblemen toch weer goed voor acht treffers, waaronder een hattrick in de uitwedstrijd tegen Oranje Nassau - blijft het antwoord schuldig op de vraag tegen welke club hij zijn debuut maakte: "Het is ook al zolang geleden. Ik had er nog graag een paar jaartjes aan vastgeplakt, maar het gaat echt niet meer. Vorig seizoen heb ik achttien duels gespeeld, vijftien keer als invaller. Dit jaar heb ik ook behoorlijk wat duels meegedaan. Na invalbeurten tegen Berkum en Excelsior '31 heb ik tegen Flevo Boys en Go Ahead Kampen de gehele wedstrijd uitgespeeld. Maar ik heb pijnstillers nodig. Vorig jaar dacht ik dat de problemen met de liezen te maken hadden, omdat ik daar ook al een jaartje of vijf last van heb. Totdat ze er achter kwamen dat mijn heupen totaal waren versleten.
|
|
|
|
Urk zal schoon schip moeten maken |
|
|
|
|
Er zijn dagen en er zijn gebeurtenissen die je in je geheugen gegrift staan alsof het gisteren gebeurde. Meestal herinnert men zich feestdagen, zoals 5 mei, bevrijdingsdag. Ouderen onder ons zullen nooit 6 juni 1944 vergeten, D(decision)-Day, beslissingsdag. 5 Mei 2007 kun je bestempelen als D(egradatie)-Dag, want in Kampen was het vooral voor Urk 'er op of er onder'. Een nederlaag zou betekenen dat na zeventien jaar hoofdklassevoetbal de Urker hoofdmacht een verplicht stapje terug moet doen. Een verliespartij voor thuisclub Go Ahead zou ook bijna degradatie inhouden voor de ploeg van Raymond Schuurman.
Ad interim Urk-trainer Henk Nieuwenhuis kwam in een lastig parket. De voor volgend seizoen benoemde technisch coördinator werd na het opstappen van trainer Jan Potma door het Urk-bestuur gevraagd om het slagzij makende schip van de ondergang te redden. Een moeilijke opdracht maar Nieuwenhuis accepteerde de klus, omdat zoals hijzelf zegt " ik voetballiefhebber ben en ook sportman. Ik vind dat je niet altijd voor de makkelijkste weg moet kiezen. Het was een uitdaging voor mij om samen met Klaas Tol deze missie tot een goed einde te brengen."
|
|
|
Jan Kramer eindigt niet op de bank |
|
|
|
|
De aanhang van Urk koestert de door aanhoudend blessureleed veel te vroeg gestopte Klaas Wakker als levende legende, maar in de huidige selectie van de voormalige eilandbewoners loopt er nog zo'n 'Mister Urk' rond die in hoog aanzien staat bij de kritische supportersschare. We hebben het hier over de nog lang niet versleten Jan Kramer (35), bezig aan zijn zeventiende (!!) seizoen in de A-selectie en goed voor in totaal 471 competitie-en bekerduels (146 goals) in de hoofdmacht.
Na de donderdagavondtraining is de sfeer als vanouds goed in de kantine van Urk, waar de jongeren onder het genot van een koele pils over koetjes en kalfjes keuvelen aan de bar en de ouderen de laatste wedstrijd tegen Go Ahead Kampen (2-2), alsmede de op handen zijnde terugkeer (assistent-trainer) van Klaas Wakker, de revue laten passeren. Inmiddels is ook het onderwerp van ons gesprek, de populaire Jan Kramer aangeschoven. Op Urk kent iedereen hem als Jan Patat, hoe komt de routinier eigenlijk aan deze fraaie bijnaam? "In de jeugd had ik een trainer die me als zodanig betitelde, omdat ik na het voetbal altijd een bakje patat kocht. Verder voetbalden we toen regelmatig in de zaal. Tijdens een wedstrijd verloor ik mijn zakgeld en ging ik achter mijn centen aan, omdat ik anders geen patatje kon kopen. De bal was bijzaak op dat moment... Zo is de naam ontstaan. Ik heb er zelf geen enkele moeite mee. Als je eenmaal een bijnaam hebt, kom je er echter niet meer vanaf. Mijn zoon wordt al Jan Mini-Friet genoemd. In het programmablad van Go Ahead Kampen werd ik ook als Jan Patat opgevoerd. Ik denk dat de schrijver dacht dat ik echt zo heette."
|
|
|
|
Jan Kramer, twintig jaar aan de top |
|
|
|
|
In de twintig jaar dat Jan Kramer in het eerste van Urk mag spelen, heeft hij heel wat zien gebeuren. Met de broertjes Tol en Wakker, met Jelle Loosman en Pieter Ras vormde hij de Urker lichting, die vanaf de jeugd grote successen behaalde. In de jeugd van Urk speelde hij al met dezelfde bezieling en hetzelfde plezier als nu op vijfendertigjarige leeftijd. Hij wil nog steeds winnen, zoals er al zoveel gewonnen is. Met zijn mentaliteit is Jan een voorbeeld voor zijn teamgenoten en zeker ook voor jonge Urker voetballers. Zijn bijnaam mag dan Jan Patat zijn, hij is zeker geen representant van de patatgeneratie, weinig inzet en wel een lekker leventje. Of het nu lekker loopt of in een wedstrijd wat minder gaat, Jan blijft voorop gaan in de strijd. Elke training is hij paraat en nog steeds met volle inzet.
Tot sportman van het jaar 2005 kozen ze hem, zijn dorpsgenoten. ,,Maar dat klopt natuurlijk niet met wat er in het afgelopen jaar is gepresteerd. Ik zie het dan ook meer als waardering voor al die jaren. Ik had eigenlijk niet zo'n zin in die avond, maar als je dan gekozen wordt is dat wel bijzonder leuk, dat ze je zo belonen'', vindt Jan.
|
|
|
Urk Actueel traint een weekje mee |
|
|
|
|
Een voetbalverslaggever heeft een ongezond grote macht. Vanachter zijn bureau kan hij in enkele pennenstreken de grootst inspanningen genadeloos teniet doen. Hij bepaalt of een bal erin gemoeten had, of een verdediger stond te slapen en of een keeper blunderde.
Dinsdag 9 november Waar ben ik aan begonnen, spookt het door mijn hoofd als ik om half zeven de auto parkeer bij Sportpark de Vormt. Mijn laatste keer op een voetbalveld was ergens in de jaren tachtig. In C3. En nu ga ik meetrainen met Urk 1. Gekkenwerk…
‘Jelle doet vandaag met ons mee’, kondigt trainer Henk Nieuwenhuis aan als iedereen om zeven uur op het trainingsveld staat. ‘Ontzie hem niet’, laat hij er onheilspellend op volgen. De warming-up valt vervolgens 100 procent mee. Twee rondjes om het veld maar, en geen stuk of tien, zoals ik gevreesd had. Daarna korte sprintjes. Het wordt al zwaarder, want mijn conditie is door toedoen van De Erven De Weduwe J. van Nelle niet best.
|
|
|
|
|
|
|
|